Aanleiding
Rijkswaterstaat, ProRail en andere tunnelbeheerders streven naar een toekomstbestendige infrastructuur die klimaatneutraal en circulair is. Dit vraagt om het verminderen van de milieu-impact bij het ontwerpen, realiseren, beheren en onderhouden van tunnels. Circulariteit bij tunnelinstallaties is zeer complex en op dit gebied is nog niet veel informatie beschikbaar. Om tunnelbeheerders te helpen met circulariteit aan de slag te gaan heeft het COB het groeiboek circulaire tunnelinstallaties gemaakt. Door een expertteam van participanten van het COB is met behulp van interviews, werksessies, de Circulariteitschallenge en een hackathon in 2023 een eerste invulling gegeven aan deze behoefte in de vorm van dit groeiboek.
Doelstelling
Het doel van het groeiboek Circulaire tunnelinstallaties is om alle betrokkenen bij tunnelrenovaties en andere vormen van onderhoud inzicht te geven in de technische circulariteitsmaatregelen die genomen kunnen worden. Er is daarnaast niet alleen uitgewerkt welke impact de maatregelen hebben op de circulaire doelstellingen, maar ook op beschikbaarheid, betrouwbaarheid en onderhoudbaarheid van de tunnel. Hiermee dragen we bij aan de stip op de horizon: circulaire tunnelinstallaties in een circulaire samenleving.
Voortgang
Rapport
Op schemaVersie 3.0 Groeiboek Circulaire tunnelinstallaties
Verwacht: Q4 2025
Rapport
Op schemaVersie 3.0 Groeiboek Circulaire tunnelinstallaties
Toelichting status
Op 5 december wordt het groeiboek 3.0 als concept opgeleverd waarna de redactie plaatsvindt. De drie leervragen (duurzaamheidsvragen uit de praktijk) zijn in concept uitgewerkt en worden gereviewd.
Verwacht: Q4 2025
Vooruitblik
Het komende halfjaar ligt de focus op de invulling van Tunnelprogramma 3. Dit houdt voor duurzaamheid in het geïntegreerde Groeiboek Duurzame tunnels. De onderwerpen energie, circulariteit en klimaat komen hierin samen en het vervangt zowel zowel het groeiboek Circulaire tunnelinstallaties als het groeiboek Energiereductie tunnels. Eind 2026 zal hiervan de versie 1.0 worden opgeleverd.
Groeiboek update
Eind 2025 is het groeiboek weer bijgewerkt. Op de Tunneldag 2024 is versie 1 van de het groeiboek Circulaire tunnelinstallaties officieel gepresenteerd. Elk jaar wordt deze kennis weer verrijkt. Het groeiboek is altijd gratis in te zien via de COB-website.Â
>> Naar het groeiboek Circulaire tunnelinstallaties
In 2023 vond de lancering van de eerste versie van het groeiboek Circulaire tunnelinstallaties plaats. Bij het toewerken naar deze mijlpaal heeft de werkgroep nieuwe inzichten verkregen in wat de mogelijkheden zijn om de tunnelinstallaties te verduurzamen. Maar ook, nog belangrijker, zijn er zaken aan het licht gekomen die we nog niet goed begrijpen en kunnen onderbouwen om van circulariteit de standaard te maken. Deze kennishiaten zijn belangrijk om verder uit te diepen en worden onder andere in onderstaande deelprojecten opgepakt.
Alle kennis die voortkomt uit de gestarte onderzoeksprojecten (zie verderop) krijgt een plek in het groeiboek. Daarnaast worden de maatregelen waar nodig bijgewerkt: met name de ’technology readiness levels’ (TRL) worden verder uitgelicht. De TRL geeft aan in hoeverre een circulaire maatregel al als standaard wordt beschouwd binnen de keten.
In 2024 werd onderzocht welke circulaire maatregelen al als standaardmaatregelen toegepast moeten worden, als pilot toegepast kunnen worden of een kans hebben om verder te worden onderzocht. In 2025 is het de bedoeling om de maatregelen ook daadwerkelijk in drie pilotprojecten toe te passen met het gebruik van een businesscase.
Aankomende bijeenkomsten
Momenteel zijn er geen werksessies gepland.
Verslag van de bijeenkomst Circulariteitsprogramma 2025
Datum: dinsdag 26 augustus 2025
Tijd: 08.30 – 11.00 uur
Opening en mededelingen
Er is teruggeblikt op de eerste twee werksessies die plaatsvonden op 5 juni en 1 juli. De uitkomsten van de eerdere werksessies zijn besproken met de werkgroep.
Verslag leervragen en projectfasen
Iedere leervraag bevindt zich in een andere projectfase. Leervraag 2 is reeds uitgevoerd, waardoor deze goed te evalueren is op de uitkomsten. Voor leervraag 1 werkt de aannemer momenteel aan een plan, waardoor het nog lastig is om deze te evalueren. Ditzelfde geldt voor leervraag 3, die nog in aanbesteding is.
Per leervraag zijn er plenaire discussiepunten besproken:
Leervraag 1 (Kunnen we door het slim/modulair ontwerpen de hoeveelheid kabels verminderen en daarmee de milieu-impact verlagen?):
- We concentreren ons nu vooral op kabels (koper). Welke andere systemen, componenten of materialen zouden we ook moeten beschouwen?
- We zien dat de (technische) levensduur van installaties steeds korter lijkt te worden, wat leidt tot een groot materiaalgebruik. Is het nuttig om te onderzoeken hoe we hierin verandering kunnen brengen, of is dit onvermijdelijk?
- Welke risico’s overzien we mogelijk niet?
- Waar zitten de belemmeringen?
- Welke koppelingen kunnen we leggen met het evolutiepad?
Leervraag 2 (Kunnen we de ventilatoren anders plaatsen zodat er minder nodig zijn en deze minder vaak worden aangereden?):
- Vaak worden er extra ventilatoren opgehangen om aan de RAMS-eisen (n+1) te voldoen. Kan dit ook anders, en zo ja, hoe?
- Waarom testen we ventilatie zo vaak? Kan dit slimmer, anders of duurzamer, bijvoorbeeld door merkbaar falen of zelftesten?
- Heeft het ophangen van ventilatoren buiten de tunnel gevolgen voor de levensduur of storingskans vanwege weersinvloeden?
- Zijn er specifieke onderhoudsaspecten die meegenomen moeten worden?
- Welke impact heeft modulair ontwerpen op de kosten en duurzaamheid?
- Wat zijn de technische en milieutechnische voordelen van in- en uitgangsclusters?
Leervraag 3 (Kunnen we de kabels die nu in de tunnels hangen hergebruiken voor de nieuwe installaties?):
- Deze bevindt zich nog in de voorbereidingsfase.
De input is opgehaald en wordt nu verwerkt in de uitwerking van de leervragen.
Milieukostenindicator (MKI)Â
Het streven is dat in 2030 alle installaties die 80% van de milieuvoetafdruk veroorzaken, beschikken over een levenscyclusanalyse (LCA) en bijbehorende maatregelen. In 2024 is gestart met het identificeren van installaties met de grootste milieu-impact, zoals kabels, middenspanningsinstallaties, tunnelventilatie en pompen.Â
Het doel van deze opdracht is om twee Levenscyclusanalyses (LCA’s) op te stellen voor tunneltechnische installaties (TTI), zodat deze worden opgenomen in de Nationale Milieu Database (NMD) als categorie (2 of) 3 data. Dit proces zal bijdragen aan een beter begrip van de milieueffecten van deze installaties en zal helpen bij het verbeteren van duurzaamheid in de infrastructuursector.​
Focus ligt op de TTI: Middenpompinstallatie en brandblusinstallatie
Tijdens de werksessie zijn we in tweetallen uiteengegaan om de scope afbakening van de middenpompinstallatie en brandblusinstallatie te bepalen. Dit is vervolgens plenair behandeld.
MateriaalpaspoortenÂ
Het doel is het ontwikkelen van een werkbaar format en handleiding voor materiaalpaspoorten binnen de sector. Dit moet leiden tot betere kennis en inzicht in vrijgekomen materialen en zo bijdragen aan verdere verduurzaming en circulariteit. In oktober wordt een hackathon georganiseerd om voor twee pilotprojecten materiaalpaspoorten op te gaan stellen.
Volgende bijeenkomsten
De volgende bijeenkomst stond gepland op 30 september, waarbij de uitreiking van 19 energiepaspoorten op de agenda staat. Echter is in overleg met de werkgroep besloten om een digitale reviewronde te houden op de leervragen. De verwachting is dat we hiermee tot meer resultaat zullen komen.
Circulariteit in tunnels
Op 1 juli kwam de COB-werkgroep Circulariteit bijeen om drie actuele vraagstukken te bespreken, gericht op het vergroten van duurzaamheid en circulariteit binnen tunnelprojecten. Tijdens de bijeenkomst werden nieuwe inzichten gedeeld en mogelijke oplossingen verkend die bijdragen aan een duurzamere aanpak in ontwerp, bouw en onderhoud van tunnels. Hieronder een terugblik op de besproken thema’s en de belangrijkste bevindingen.
Slim en modulair ontwerpen: De Noordtunnel
De Noordtunnel, een project in voorbereiding, vormde de basis voor een discussie over het verlagen van de milieu-impact door slimmer en modulair te ontwerpen. De werkgroep heeft nagedacht over:
- Vermindering van kabels: Het bleek mogelijk om door modulair ontwerp het aantal kabels te verminderen, wat niet alleen materiaalgebruik verlaagt, maar ook de installatie vereenvoudigt.
- Energievoorziening: De afweging tussen een decentrale en centrale energievoorziening werd grondig besproken. Hoewel een decentrale opbouw voordelen kan hebben op het gebied van flexibiliteit en duurzaamheid, werd geconcludeerd dat de keuze sterk afhankelijk is van de specifieke projectomstandigheden.
Optimalisatie ventilatoren: De Eerste Heinenoordtunnel
De ervaringen met de Eerste Heinenoordtunnel, een afgerond project, boden waardevolle lessen voor de optimalisatie van ventilatiesystemen. Tijdens de sessie werden de volgende punten besproken:
- Positionering van ventilatoren: Het anders plaatsen van ventilatoren kan inderdaad leiden tot een vermindering van het aantal benodigde ventilatoren. Dit verlaagt niet alleen de milieu-impact, maar vermindert ook de kans op schade door aanrijdingen.
- Duurzaamheidswinst: Door minder ventilatoren te gebruiken, bleek er een duidelijke winst te behalen op het gebied van materiaalgebruik en onderhoud.
Hergebruik van kabels: GOUT
Het project GOUT bood een interessante case voor het onderzoeken van hergebruik van kabels in tunnels. De werkgroep ging dieper in op de volgende aspecten:
- Hergebruik versus nieuw: Er werd geconcludeerd dat bestaande MBZH-kabels in bepaalde gevallen opnieuw kunnen worden gebruikt in plaats van nieuwe B2ca-kabels, mits ze voldoen aan de technische eisen.
- Normering en belemmeringen: Het hergebruik van kabels wordt momenteel beperkt door brandveiligheidsnormen. De werkgroep identificeerde mogelijke maatregelen, zoals aanvullende tests en certificeringen, om dit in de toekomst mogelijk te maken.
De bijeenkomst op 1 juli was vanwege vakanties met een iets kleinere groep en werd gekenmerkt door een actieve brainstorm. De tussentijdse resultaten vormen een goede stap voor een duurzamere tunnelsector
De laatste werksessie vond plaats op 5 juni (08.30 – 11.00 uur). Onderstaande onderwerpen kwamen aan de orde:
Circulariteit in de praktijk door middel van leervragen
De afgelopen jaren zijn er diverse circulaire maatregelen voor TTI’s geïnventariseerd. Komend jaar pakken we het anders aan. We gaan de tunnelprojecten in om circulaire initiatieven te onderzoeken, vast te leggen en te gebruiken als standaard voor nieuwe projecten. Momenteel zijn drie vraagstukken vastgesteld die we tijdens de werksessie gaan behandelen:
- Vraagstuk 1: Noordtunnel (PTZ)
Hoe kunnen we door slim/modulair ontwerpen de hoeveelheid kabels verminderen, mogelijk tot wel 50%?
- Vraagstuk 2: Eerste Heinenoordtunnel
Kunnen we ventilatoren anders positioneren, zodat er minder nodig zijn en deze minder vaak worden beschadigd door aanrijdingen? - Vraagstuk 3: GOUT
Is het mogelijk om de kabels die nu in de tunnels hangen te hergebruiken voor nieuwe installaties?
Aftrap werkgroep circulaire tunnels 2024
Op vrijdagochtend 21 juni 2024 was de aftrap van de werkgroep Circulaire tunnels 2024 waarbij de deelprojectleiders de deelprojecten hebben gepresenteerd. Na de plenaire introductie was er een opsplitsing in deelgroepen waarbij de deelnemers zelf konden kiezen bij welke werkgroep zij wilden aansluiten. In de werkgroepen zijn de stappen voor komende periode besproken en vastgesteld.
- Verdieping van de circulaire maatregelen: gaat aan de slag om de maatregelen in een groeiboek te herschikken op TRL-niveau. Voor de maatregelen wordt ook gezocht naar pilotprojecten en zullen er businesscases opgesteld worden (Q1 2025).
a. De maatregelen die van TRL-niveau 7 en 8 naar niveau 9 worden meegenomen in de pilotprojecten en contracteisen (categorie 1)
b. De maatregelen die van TRL-niveau 4 t/m 6 naar niveau 7 en 8 – worden meegenomen in de pilotprojecten (categorie 2).
c. De maatregelen die van TRL-niveau 1 t/m 3 naar niveau 4, 5 en 6 – worden uitgewerkt (categorie 3).
- Knelpuntenanalyse: De knelpunten voor het implementeren van circulaire maatregelen zijn inmiddels inzichtelijk en gecategoriseerd. De knelpunten, denk aan normen en richtlijnen, worden gekoppeld aan de concrete maatregelen waarna wordt uitgezocht hoe dit knelpunt opgelost gaat worden.
- Aanpak MKI: Een struikelblok voor het toepassen van circulaire maatregelen is het ontbreken van inzicht in de milieu-impact. Voor de vijf top milieu impact installaties gaan we een MKI-berekening opstellen. Relevante maatregelen uit de catalogus koppelen we zodat de impact inzichtelijk wordt.
- Materiaalpaspoorten: Op dit moment weten we te weinig wat er aan installaties de tunnel in gaat. De afgelopen jaren is er al ervaring opgedaan. De ervaring en kennis gaan we gebruiken om een materialenpaspoort standaard op te zetten. Op deze manier krijgen we stap voor stap meer inzicht in de componenten die zich bevinden in een tunnelinstallatie.
Actuele projecten
Leervragen duurzame TTI
De afgelopen jaren zijn er diverse circulariteitsmaatregelen voor tunneltechnische installaties (TTI) geïnventariseerd en gebundeld in het groeiboek Circulaire tunnelinstallaties. In 2025 is er voor een alternatieve, meer praktijk- en impactgerichte aanpak gekozen. De tunnelprojecten zijn benaderd via leervragen. De leervragen zijn gekoppeld aan de maatregelen uit het groeiboek en bedoeld om lessen die worden opgedaan in projecten vast te leggen. In 2026 zullen deze vragen verder worden uitgewerkt.
Vraagstuk 1: Noordtunnel (PTZ) – Slim ontwerpen om milieu-impact te verlagen
Kunnen tunnelventilatoren anders worden gepositioneerd, zodat er minder nodig zijn en ze minder vaak worden beschadigd als gevolg van aanrijdingen? Weegt het decentraal opbouwen van de energievoorziening op tegen de centrale opbouw, als er wordt gekeken naar tijd, montage en duurzaamheidswinst?
Deelnemers subgroep: Jos Kamphuis, Johan Naber, Hasan Batur, Peter van Duijvenbode, Duco Ferwerda, Micha de Jong, Jan Zijlstra, Wouter van den Berg, Monique Dorresteijn
Vraagstuk 2: Eerste Heinenoordtunnel – Ventilatoren anders positioneren
Kunnen ventilatoren anders worden positioneerd, zodat er minder nodig zijn en deze minder vaak worden beschadigd door aanrijdingen? Door ventilatoren anders te plaatsen, kunnen zowel het aantal benodigde ventilatoren als de milieu-impact worden verminderd.
Deelnemers subgroep: Ruud van Beek, Johan Naber, Boy Arts, Duco Ferwerda, Kees Verweel, Rem de Tender, Jan Zijlstra, Wouter van den Berg, Monique Dorresteijn
Vraagstuk 3: GOUT – Hergebruik van kabels
Kunnen de kabels die nu in de tunnels aanwezig zijn worden hergebruikt voor nieuwe installaties (hergebruik MBZH-kabels in plaats van nieuwe B2ca-kabels)? Staat de brandveiligheidsnorm dit toe? Kunnen er maatregelen worden genomen om dit mogelijk te maken?
Deelnemers subgroep: Gioffry Maduro, Rudi Zoet, Youri Blom, Duco Ferwerda, Jorg Peters, Ronald van de Wetering, Aileen Mentink, Jan Zijlstra, Wouter van den Berg, Monique Dorresteijn
Afgeronde projecten
Tweede intervisiesessie
Op woensdag 10 november 2021 heeft de tweede (digitale) intervisiesessie van het project Expeditie circulaire tunnels plaatsgevonden. COB-coördinator Duurzaamheid Gioffry Maduro en COB-projectleider Circulariteit Esther van Eijk bespraken met de digitale aanwezigen dat het hoogtijd is voor verandering, anders doen we in 2030 nog steeds hetzelfde. InfraMining kwam aan bod en de urgentie van slopen naar oogsten is pijnlijk duidelijk. Om niet alleen te praten over circulaire tunnels, maar ook daadwerkelijk stappen te zetten, is een dosis LEF nodig. Esther: ‘LEF staat voor Let’s Experience the Future. Dat zegt het al: laten we de toekomst ervaren, dus handen uit de mouwen en gaan doen.’
Deelnemers
Ballast Nedam Infra B.V.
NIEUWEGEIN
COB
DELFT
Croonwolter&dros
ROTTERDAM
Don Bureau B.V.
BERGEN OP ZOOM
flux.partners B.V.
DIEMEN
Haskoning Nederland B.V.
ROTTERDAM
Heijmans Infra B.V.
ROSMALEN
HIG Traffic Systems B.V.
BODEGRAVEN
Aileen Mentink
Lid
Barbara van den Berg
Redacteur
Duco Ferwerda
Lid
Erwin Wagemans
Lid
Gioffry Maduro
Coordinator
Huib Arts
Lid
Ivana Mandic
Lid
Jan Zijlstra
Lid
Projectparticipatie
Organisatie details
Meer weten of deelnemen?
De projectleider is Wouter van den Berg. Voor meer informatie kunt u contact opnemen met karin.clement@cob.nl of met het COB kantoor via 085 – 4862 410.